In onze tijd van verregaande vermarkting van de samenleving wordt de mens vooral gezien als een economisch wezen: we zijn allereerst de ‘ondernemers van ons bestaan’, geholpen door de steeds verdergaande technische vooruitgang en door ons vermogen om efficiënt en doelgericht te handelen. Dat we ook een ‘geestelijk leven’ hebben is daaraan ondergeschikt.
In haar laatste grote meesterwerk, de trilogie Het leven van de geest pleit Hannah Arendt (1906-1975), Duits-Amerikaans filosoof van Joodse afkomst, voor een andere visie op de mens. We zijn geen individuen, maar leven in pluraliteit; en we zijn niet alleen maar Homo economicus, maar we denken na over de zin van het leven en van de wereld. En al denkend willen we die wereld steeds vernieuwen en oordelen we over haar.
De Verlichting, hoezeer Arendt die ook waardeert, heeft ons allemaal leren twijfelen aan wat aan ons denken wordt aangeboden. Hoe krijgen we, zonder het kritische deel van ons denken kwijt te raken, weer greep op een manier van kennisverwerving en reflectie die een gemeenschap kan dragen?
In haar laatste werk ‘Het leven van de geest’ keert Arendt terug naar de vraag 'Wat is denken'? Haar inzet is het denken beschermen en koesteren als een gereedschap om tot moreel handelen te komen. Zij ziet het probleem van het niet-denken (gedachtenloosheid) voor het eerst tijdens het Eichmannproces en vraagt zich dan al af of deze vorm van gedachtenloosheid een bron van het kwaad kan zijn. Aan het eind van haar leven keert ze terug naar deze vraag en werkt het uit in wat haar laatste grote- en onvoltooide-onderzoek zal worden; het onderzoek naar het leven van de geest.
Programma:
In zes bijeenkomsten komen de volgende onderwerpen aan de orde:
• Wat ziet Arendt als de taak van de filosofie? Wat maakt haar relatie tot denken zo complex?
• De problematiek van de onnadenkendheid of gedachteloosheid. De banaliteitvan het kwaad (Eichmann) en het goede denken. De fout van met name intellectuelen om de zuivere concepten te verkiezen boven de weerbarstige realiteit.
• Denken en de ontmoeting met de wereld en het denken van de ander(en).Socrates en het ‘Stop en denk!’ als opdracht van mensen.
• Denken over een wereld van verschijnselen die juist weldenkende mensen geleerd hebben in twijfel te trekken. Abstract denken dat steeds meer kennis oplevert dat contra intuïtief is. Hoe kunnen we nog iets hebben aan denken in de concrete werkelijkheid?
• De botsing tussen denken en willen. Nietzsches oordeel over willen endenken. Is willen een gevolg of een oorzaak van het denken?
• Denken treedt met willen in de wereld en komt daar de effecten van andere denkwijzen tegen. Hoe kan dat vorm krijgen?
Barbara Moerman is filosoof met als specialisatie de filosofie van de tuinkunst. Jarenlang heeft ze biologie en filosofie gedoceerd onder andere in de eindexamenklassen van havo en vwo. Tegenwoordig organiseert ze particuliere cursussen filosofie en geeft ze lezingen over de filosofie van de tuinkunst. Ook begeleidt ze binnen- en buitenlandse tuinreizen.